Doel

Meer medicatieveiligheid door betere uitwisseling van medicatiegegevens. Dat is het doel van het programma Medicatieoverdracht. 

Medicatie-incidenten

75 medicatie-incidenten per dag

Per dag belanden gemiddeld 75 mensen in het ziekenhuis als gevolg van een vermijdbaar medicatie-incident. Dat betekent zo’n 27.000 vermijdbare ziekenhuisopnames per jaar. Een deel van deze incidenten komt doordat zorgverleners niet precies weten welke medicatie een patiënt gebruikt. Daardoor schrijven ze bijvoorbeeld een medicijn voor dat niet samengaat met een ander medicijn dat de patiënt neemt. 

Onderzoek

In 2025 liet VWS een zorgbrede nulmeting naar medicatieoverdracht uitvoeren. Een belangrijke uitkomst was dat incomplete medicatieoverzichten veel voorkomen in de zorg.

Lees meer over het onderzoek 

Informatiesystemen en werkprocessen

uitwisseling tussen zorgorganisaties

Natuurlijk doen zorgverleners er alles aan om een zo compleet en actueel mogelijk medicatieoverzicht te hebben. Ze investeren bijvoorbeeld veel tijd in het bellen of mailen met collega’s of vragen het aan de patiënt zelf. Toch lukt het niet altijd om een compleet beeld te krijgen. Waarom is dat zo moeilijk? Dat komt doordat de informatie is opgeslagen in de informatiesystemen van verschillende zorgaanbieders, zoals de huisarts, de medisch specialist en de tandarts. Helaas kunnen deze zorginformatiesystemen geen of maar beperkte informatie met elkaar uitwisselen. Het programma Medicatieoverdracht zorgt ervoor dat de informatiesystemen en de werkprocessen van zorgverleners beter op elkaar zijn afgestemd. 

Wat we opleveren

Het programma Medicatieoverdracht realiseert:   

  1. Een actueel en compleet medicatieoverzicht van elke patiënt of cliënt bij elke zorgverlener.
  2. Patiënten en cliënten krijgen Inzicht in hun eigen medicatiegegevens via een Persoonlijke Gezondheidsomgeving (PGO).
  3. Toedieners van medicatie krijgen een complete toedienlijst, waarin bijvoorbeeld ook de informatie uit de avond-, nacht- en weekenduren is verwerkt.
  4. Meer informatie voor voorschrijvers, bijvoorbeeld reden van stoppen of wijzigen van medicatie en labwaarden.

Het resultaat

Het resultaat is dat de medicatieveiligheid omhoog gaat. Daarnaast vervangt digitale uitwisseling tijdrovende administratieve werkzaamheden. Dat geeft zorgverleners meer tijd om te doen waar ze zo goed in zijn: patiënten de beste zorg verlenen.

Gerelateerd nieuws

Blijf op de hoogte

Schrijf je in voor onze nieuwe nieuwsbrief en blijf op de hoogte van het laatste nieuws.

Aanmelden voor de nieuwsbrief

SUPPORT

Contact


Het programmabureau is bereikbaar op werkdagen van 
8.30 – 17.00 uur via 
070 – 317 34 92 of e-mail.

Adres
Oude Middenweg 55
2491 AC Den Haag

Postbus 19121
2500 CC Den Haag

Wil je meer weten?

Veelgestelde vragen

Zijn de gegevensuitwisselingen die worden geïmplementeerd door het programma Medicatieoverdracht in lijn met de Nationale Visie en Strategie?

De implementatie van het Programma Medicatieoverdracht past goed in de Nationale Visie en Strategie (NVS). Het doel is databeschikbaarheid van medicatiegegevens voor zorgverleners en de patiënt. Met Medicatieproces 9 wordt een totaalbeeld gegenereerd op basis van beschikbare medicatiegegevens van verschillende zorgaanbieders en met de patiënt als integraal onderdeel van de ‘medication loop’. 

Het uitgangspunt van de Nationale visie en strategie is beschikbaarheid van gezondheidsgegevens voor passende zorg. De strategie bestaat uit de plateaus: 1. Doen – interoperabiliteit, 2. Denken – netwerk georganiseerd en 3. Dromen – Integraal georganiseerd. We zitten nu in de fase ‘Doen’. 

De vier leidende principes van die fase zijn Databeschikbaarheid en eenheid van taal, Primair en secundair datagebruik zonder extra registratielast, Data en functionaliteit loskoppelen, Creëren van een markt die stimulerend is voor innovatie. Het programma Medicatieoverdracht is – voor zover nu te beoordelen – in lijn met de NVS. 

Waarom kost het zoveel tijd om medicatieoverdracht te realiseren?

Zowel binnen de sectoren als tussen sectoren moeten afspraken rond medicatieoverdracht worden gemaakt. Het gaat niet alleen over aanpassingen in de software, maar ook over werkprocesafspraken (ketenafspraken). Deze afspraken maken het uitwisselen van medicatiegegevens in de keten mogelijk. Dit is complex omdat zoveel verschillende disciplines en soorten zorgorganisaties een rol spelen: 10 zorgsectoren; ongeveer 16.000 zorgorganisaties en zo’n 75 softwareleveranciers. Ook kost het tijd om de implementatie zorgvuldig te testen in de Kickstartregio’s, zodat het zeker goed werkt als het hele land op deze manier gaat werken. Zo’n grootschalige implementatie van uitwisseling van gegevens in de zorg is nooit eerder gedaan.

Op basis waarvan zijn de informatiestandaarden Medicatieproces 9, Contra-indicaties en Overgevoeligheden, en Uitwisseling laboratoriumgegevens ontwikkeld?

De informatiestandaard Medicatieproces 9 (MP9), Contra-indicaties en Overgevoeligheden (CiO) en de Uitwisseling laboratoriumgegevens (Lab2Zorg) vormen samen de set van informatiestandaarden die nodig zijn voor digitale uitwisseling van medicatiegegevens.

De standaarden zijn ontwikkeld op basis van de kwaliteitsstandaard ‘Overdracht van medicatiegegevens in de keten’. Deze kwaliteitsstandaard is de basis voor de inrichting van het zorgproces bij medicatieoverdracht.