Skip to the main content

Begrippenlijst

Zorgaanbieders|Leveranciers

Uiteenzetting van de gebruikte terminologie

↵ Startpagina Implementatiehandboek zorgaanbieders


In het implementatiehandboek komen diverse termen en begrippen voor. Een uiteenzetting van deze terminologie is te vinden in onderstaande begrippenlijst.

Begrip Definitie
Aanvullende set medicatiegegevens (richtlijn overdracht van medicatie-gegevens in de keten) Medicatiegegevens, die afhankelijk van de risico-inschatting en wettelijke eisen van belang kunnen zijn voor het veilig voorschrijven of ter hand stellen van de medicatie.
Actualiteitscontrole Als de actualiteitscontrole aan staat, zal bij het openen van het dossier van een patiënt een snelle check gedaan worden of het zinvol is om het LSP te bevragen. Het controleert of er sinds de laatste opvraging door een andere zorgaanbieders gegevens zijn aangemeld/gewijzigd van de betreffende patiënt. Dit gaat automatisch en hiervoor is geen UZI-pas nodig.
Actuele medicatie Medicatie waarvan de stopdatum (op een bepaald moment moment) nog niet verstreken is. Dit betreft huidige (heden ligt tussen start- en stopdatum) en toekomstige (heden ligt voor startdatum) medicatie.
Afleveren Het anders dan door terhandstelling of uitvoer leveren van geneesmiddelen of werkzame stoffen (Bron: Geneesmiddelenwet).
Antwoord voorstel verstrekkingsverzoek (AVVV) Het antwoord voorstel verstrekkingsverzoek is een antwoord van de voorschrijver op het voorstel verstrekkingsverzoek. Hierin geeft de voorschrijver aan akkoord te gaan (waarna een verstrekkingsverzoek zal volgen) of niet (en de reden daarvoor).
Basisset medicatiegegevens (BMG) (richtlijn overdracht van medicatie-
gegevens in de keten)
De medicatiegegevens die (minimaal) nodig zijn om veilig en verantwoord medicatie te kunnen voorschrijven, wijzigen, stoppen, veilig ter hand te stellen en toe te dienen en die dus overgedragen moeten worden.
Beschikbaar stellen Een arts of apotheker (de “Brondossierhouder”) stelt een patiëntendossier of gegevens daaruit beschikbaar voor latere raadpleging door andere zorgverleners (“Dossierraadplegers”) die toegang hebben tot dat systeem en die de gegevens nodig hebben in het kader van hun eigen behandelrelatie met de patiënt. Op voorhand staat dus niet vast wie uiteindelijk de gegevens zullen raadplegen. Het initiatief voor de daadwerkelijke gegevensuitwisseling ligt dus bij de dossierraadpleger. De patiënt kan er daarnaast per zorgaanbieder voor kiezen om gegevens wel of niet raadpleegbaar te maken. Er is expliciete toestemming vereist
Bouwstenen De verschillende medicatiebouwstenen representeren stappen in het medicatieproces, van het voorschrijven van een geneesmiddel (medicatieafspraak en/of verstrekkingsverzoek), gevolgd door het ter hand stellen (toedieningsafspraak en/of medicatieverstrekking) tot en met het toedienen en gebruik.
Het model is zo ingericht dat therapeutische bouwstenen en logistieke bouwstenen van elkaar gescheiden zijn. Onder de therapeutische bouwstenen worden bijvoorbeeld verstaan medicatieafspraak, toedieningsafspraak en medicatiegebruik.
Onder de logistieke bouwstenen vallen o.a. het verstrekkingsverzoek, de medicatieverstrekking en medicatieverbruik.
Discrepantie Een discrepantie is het verschil tussen de gegevens die je hebt opgevraagd en het actuele werkelijke gebruik.
Elektronische toedienregistratie (eTDR) Met elektronische toedienregistratie kunnen zorgprofessionals medicatie digitaal aftekenen.
Exacte toedientijden Bij exacte toedientijden wordt uitgegaan van een marge van 0,5 uur voor en na de (richt)toedientijd waarbinnen de zorgverlener zou mogen afwijken. Exacte toedientijden worden alleen gebruikt in het geval dit noodzakelijk wordt geacht door de voorschrijver of de apotheker.
Flexibele toedientijden Bij flexibele toedientijden wordt uitgegaan van een marge van 1 uur voor en na de (richt)toedientijd waarbinnen de zorgverlener zou mogen afwijken. Standaard wordt uitgegaan van flexibele (richt)toedientijden.
G-standaard De G-Standaard is een databank die het voorschrijven, afleveren, bestellen, declareren en vergoeden van zorgproducten ondersteunt. De databank bevat relevante gegevens over zorgproducten die verkrijgbaar zijn bij apotheken en zorginstellingen, zoals geneesmiddelen, medische hulpmiddelen en zelfzorgproducten. Alle openbaar apothekers, ziekenhuisapothekers, poliklinische apothekers, huisartsen, apotheekhoudende huisartsen, medisch specialisten en zorgverzekeraars in Nederland maken gebruik van de G-Standaard.
Geneesmiddel distributiesysteem (GDS) Het systeem waarmee de apotheker overzicht en ordening voor de patiënt aanbrengt in diens geneesmiddelen, bijvoorbeeld een medicijnrol (baxter), een dag/week cassette of een tray, en waarin deze verwerkt, gemaakt en geleverd kunnen worden (Bron: Richtlijn overdracht van medicatiegegevens in de keten).
Geïndividualiseerde distributievorm (GDV) Een specifieke distributie- en verpakkingsvorm, waarmee de apotheker overzicht en ordening voor de patiënt aanbrengt in diens geneesmiddelen (Bron: Richtlijn overdracht van medicatiegegevens in de keten).
Gebruikerseis Een deel van de besluiten kernteams vraagt technische ondersteuning van het zorg-informatiesysteem. Indien deze technische ondersteuning niet (voldoende) beschreven is in de informatiestandaard Medicatieproces 9 (functioneel ontwerp), is de behoefte aan technische ondersteuning door en met de leveranciers vertaald in een gebruikerseis (of gebruikerswens). Tijdens de Kickstart zal er op deze eisen worden getoetst. Sommige gebruikersbehoeften zijn technisch, financieel of qua tijd (nog) niet haalbaar/wenselijk voor de Kickstart; dit zijn de gebruikerswensen en zullen de leveranciers niet op worden getoetst. De gebruikerseisen en -wensen zijn bovensectoraal. Eventuele sectorale gebruikerseisen/-wensen worden door de gebruikers met hun eigen leveranciers besproken (zonder tussenkomst programmateam).
Herhalingen Herhalingen staat voor het herhalen van medicatieverstrekking. Wanneer er sprake is van een herhaling mogen er additionele verstrekkingen worden gedaan.
Historie van medicatie Medicatie met een einddatum die meer dan twee maanden in het verleden ligt.
Hybride situatie De situatie waarbij een systeem (tijdelijk) zowel MP9 als MP6.12/ EDIFACT ondersteunt om uitwisseling van medicatiegegevens gedurende de transitiefase te kunnen waarborgen.
Informeren Het verstrekken van informatie over de actuele medicatie aan opvolgende zorgverlener(s) om deze in staat te stellen om de eigen behandeling op basis van zo volledig mogelijke informatie over de beschikbare medicatiegegevens uit te kunnen voeren.
International Normalized Ratio (INR) Het International Normalized Ratio is een maat voor de stollingstijd van bloed. Het geeft aan hoe snel het bloed stolt. Van nature is de INR waarde 1; een INR waarde van 3 betekent dat het bloed 3 keer zo langzaam stolt. In plaats van in 15 seconden stolt het bloed pas na 45 seconden.
Interoperabiliteit Interoperabiliteit is de mogelijkheid van verschillende autonome, heterogene eenheden, systemen of partijen om met elkaar te communiceren en interacteren.
Logistieke verstrekkingen Logistieke verstrekkingen omvatten de aspecten rondom de verstrekking van de fysieke goederenstroom van geneesmiddelen, inclusief aanvragen, planning, afleveringen en het verbruik.
Lopende medicatie Medicatie waarvan de gebruiksperiode nog loop.
Lopende medicatieafspraak Medicatieafspraak waarvan de gebruiksperiode nog loopt.
LSP-signaalfunctie De zorgverlener heeft een abonnement op patiënten waarvan hij actief op de hoogte wil worden gehouden. Met de LSP-signaalfunctie ontvangt de zorgverlener een signaal als een andere zorgaanbieder gegevens heeft aangemeld/gewijzigd over een van die patiënten. Het signaal geeft aan om welke patiënt het gaat (BSN-nummer) en welk type gegevens aangemeld/ gewijzigd zijn. De zorgverlener kan dan de betreffende gegevens ophalen op een door hem te kiezen moment. De patiënt kan er per zorgaanbieder voor kiezen om gegevens wel of niet raadpleegbaar te maken. Er is expliciete toestemming vereist.
Mate van verificatie van de basisset medicatiegegevens De mate waarin op basis van de risico-inschatting de beschikbare basisset medicatiegegevens geverifieerd moet worden met de patiënt. Er zijn drie varianten: geen verificatie, verificatie op een deel van de basisset medicatiegegevens en een verificatie van de volledige basisset medicatiegegevens.
Medicamenteuze behandeling (MBH) Een medicamenteuze behandeling is in de informatiestandaard een technisch begrip. Het heeft als doel om de verzameling van samenhangende medicatiebouwstenen eenduidig te identificeren, en hier regels op toe te passen waarmee de actuele situatie eenduidig wordt bepaald.
Medicatieafspraak (MA) Een medicatieafspraak is het voorstel van een voorschrijver tot gebruik van medicatie waarmee de patiënt akkoord is.
Medicatiebegeleiding bij ontslag De zorgverlener deelt relevante informatie en instructie met betrekking tot de medicatie na ontslag met de patiënt (of diens vertegenwoordiger). Regionale en lokale afspraken en andere richtlijnen en beroepsnormen geven nadere invulling aan deze begeleiding.
Medicatiebewaking Medicatiebewaking is het signaleren, analyseren en afhandelen van farmacotherapiegerelateerde problemen die samenhangen met het beoogde gebruik van een farmaceutisch product of combinatie van producten.
Het doel van medicatiebewaking is ten eerste om de kans op schade en ongemak bij de patiënt door het gebruik van een farmaceutisch product te minimaliseren en ten tweede om de effectiviteit van het gebruikte farmaceutisch product te maximaliseren.
Medicatiegebruik (MGB) Medicatiegebruik is een uitspraak over historisch, huidig of voorgenomen gebruik van een geneesmiddel.
Medicatieoverzicht (MO) Het medicatieoverzicht is het overzicht voor de zorgverlener met alle huidige, recent gestopte en toekomstige medicatiegegevens van een patiënt en relevante gegevens over het gebruik daarvan. Het medicatieoverzicht kan ook als leesoverzicht voor de patiënt worden opgevraagd.
Medicatietoediening (MTD) Medicatietoediening is de registratie van de afzonderlijke toedieningen van het geneesmiddel aan de patiënt door de toediener (zoals een verpleegkundige of patiënt zelf), in relatie tot de gemaakte afspraken.
Medicatieverbruik (MVB) Het verbruik is de logistieke invalshoek van het gebruik. Het beschrijft tot wanneer een patiënt heeft gedaan of nog kan doen met een (deel)voorraad geneesmiddelen
Medicatieverificatie/ verificatie met definitie volgens de richtlijn De definitie volgens Richtlijn Overdracht van medicatiegegevens in de keten: ‘Het samen met de patiënt (of diens vertegenwoordiger) vaststellen van de door de patiënt daadwerkelijk gebruikte medicatie en de relevante informatie met betrekking tot het gebruik van medicatie.’ NB: Uitvragen van zelfzorgmedicatie hoort bij verificatie.”
Medicatieverstrekking (MVE) Een medicatieverstrekking is de ter handstelling van een hoeveelheid van een geneesmiddel aan de patiënt, zijn toediener of zijn vertegenwoordiger.
Migratie/migreren EHet omzetten van de reeds beschikbare medicatiegegevens in een patiëntdossier naar een datamodel dat MP9-bouwstenen ondersteunt.
Ontslagmedicatie Overzicht van alle medicatie die de patiënt na ontslag moet gaan en/of blijven gebruiken (Bron: VMS).
Over-the-counter (OTC) medicatie Over-the-counter medicatie is zelfzorgmedicatie. Medicatie die een patiënt zonder recept kan verkrijgen en waar geen medicatieafspraak en verstrekkingsverzoek voor nodig zijn. Zelfzorgmedicatie verstrekt door de apotheker kan wel door die apotheker worden vastgelegd als toedieningsafspraak met medicatieverstrekking of door een willekeurige zorgverlener of de patiënt zelf als gebruik.
Overdragen Alle handelingen die erop gericht zijn, waaronder het informeren, een opvolgende zorgverlener in staat te stellen om de verantwoordelijkheid voor de behandeling over te nemen.
Patiëntenportaal Een patiënten portaal is een beveiligde online omgeving waarin een patiënt inzage heeft in de eigen medische gegevens die in het informatiesysteem van één zorgverlener staan.
Persoonlijke gezondheidsomgeving (PGO) In een persoonlijke gezondheidsomgeving (een app of een website) verzamel je medische gegevens en gezondheidsgegevens. In een persoonlijke gezondheidsomgeving kunnen patiënten zelf gezondheidsgegevens verzamelen, zoals gemeten bloeddruk en hoeveel je sport.
Daarnaast wordt het PGO onderdeel van de keten en kun je een persoonlijke gezondheidsomgeving met verschillende zorgverleners verbinden, zoals met een huisarts, het ziekenhuis en een therapeut.
Prescriptiecode (PRK) De prescriptiecode wordt gebruikt om op stofnaam voor te schrijven.
Raadplegen Het proces van opvragen van beschikbare medicatiegegevens, zowel MP9-gegevens als MP6.12-gegevens (raadplegen en reconciliëren zijn nauw aan elkaar verwant en zijn samen met het gesprek met de patiënt/ cliënt onderdeel van verificatie).
Reconciliëren Het proces van het samenbrengen en ontdubbelen van beschikbare gegevens met ontvangen gegevens met als doel een overzichtelijk en juist medicatiedossier op te bouwen (raadplegen en reconciliëren zijn nauw aan elkaar verwant en zijn samen met het gesprek met de patiënt/ cliënt onderdeel van verificatie).
Risico-inschatting Definitie volgens Richtlijn Overdracht van medicatiegegevens in de keten: ‘De professionele afweging van de zorgverlener of goede zorg verleend kan worden, waarbij gekeken wordt naar risicopatiënt, risicosituatie en/of risicomedicatie, op basis van de basisset medicatiegegevens. De zorgverlener schat op basis van zijn professionele verantwoordelijkheid in of: 1. de mate van verificatie (volledig, gedeeltelijk, geen) van de basisset medicatiegegevens voldoende is voor het verlenen van goede zorg 2. Er gegevens uit de aanvullende set nodig zijn om goede zorg te kunnen verlenen’
Stop-medicatieafspraak (stop-MA) Een stop-medicatieafspraak is het voorstel van een voorschrijver om het medicatiegebruik te stoppen waarmee de patiënt akkoord is.
Stopdatum (hoort bij medicatieafspraak) De stopdatum is de datum wanneer de gebruiksperiode van de patiënt stopt.
Substituut medicatie Substituut medicatie is de het vervangende medicament.
Technische stop-medicatieafspraak (technische stop-MA) Een technische stop-medicatieafspraak wordt aangemaakt bij een (toekomstige) wijziging in de dosering van medicatie.
Ter hand stellen Het geheel van handelingen dat de apotheker uitvoert, beginnend met het ontvangen van de vraag om een farmaceutisch product tot en met het gebruik van het product, of het stoppen daarvan en de nazorg aan de patiënt (Bron: KNMP-richtlijn Ter hand stellen).
Thuismedicatie Medicatie die in de thuissituatie gebruikt wordt, voorgeschreven door een voorschrijfbevoegde (arts, tandarts, verloskundige, verpleegkundig specialist, physician assistant) en ter hand gesteld door een apotheek (Bron: Radboudumc).
Toediener Een toediener is een professionele toedieningsbevoegde of de patiënt zelf.
Toedieningsafspraak (TA) Een toedieningsafspraak is de gebruiks- (of toedienings-) instructie van de apotheker aan de patiënt (of zijn vertegenwoordiger of toediener), waarbij een medicatieafspraak concreet wordt ingevuld.
Toedienlijst met alle actuele medicatie Toedienlijst waarop alle huidige medicatie van de patiënt is weergegeven, inclusief medicatie in eigen beheer.
Toedienlijst per innamemoment Toedienlijst waarop alleen de medicatie die op een bepaald moment moet worden toegediend door een toediener is weergegeven.
Transitiefase De fase waarin systemen de informatiestandaard MP9 implementeren. Deze fase loopt van de migratie van het eerste systeem tot het moment dat uiteindelijk alle systemen over zijn op MP9.
Verstrekken De handeling van uitgifte/aflevering van een geneesmiddel aan de patiënt (medicatieverstrekking) (Bron: KNMP-richtlijn Ter hand stellen).
Verstrekker De verstrekker, ook wel apotheker genoemd, levert farmaceutische zorg en verstrekt medicatie. De bedrijfsrol verstrekker wordt ingevuld door de apotheker, de apotheekhoudend huisarts of de ziekenhuisapotheker.
Verstrekkingsverzoek (VV) Een verstrekkingsverzoek is het verzoek van een voorschrijver aan de apotheker om medicatieverstrekking(en) te doen aan de patiënt, ter ondersteuning van de geldende medicatieafspraken, ofwel een verzoek tot afleveren van medicatie. Het verstrekkingsverzoek vindt alleen plaats in de ambulante situatie.
Versturen Het initiatief voor de gegevensuitwisseling ligt bij de verzendende zorgverlener, die de gegevens stuurt naar een of meer specifieke (bekende) zorgverlener(s), die een (althans door de patiënt aangegeven/goedgekeurde) (beoogde) behandelrelatie hebben met de patiënt. Veronderstelde toestemming is voldoende. Bij het versturen van gegevens buiten de behandelrelatie is expliciete toestemming vereist.
Vooraankondiging Het digitaal versturen door de voorschrijver van de medicatieafspraak en het verstrekkingsverzoek naar de apotheek.
Voorraad tot (hoort bij medicatieverstrekking) De voorraad tot staat voor de datum wanneer de voorraad op is.
Voorschrijver De voorschrijver schrijft medicatie voor en levert farmaceutische zorg in de context van medische zorg. De bedrijfsrol voorschrijver is ingevuld door actoren die mogen voorschrijven volgens de wet BIG.
Voorstel medicatieafspraak (VMA) Het voorstel medicatieafspraak is een advies of verzoek van de apotheker aan de voorschrijver over de afgesproken medicatie. Het adviesverzoek kan bijvoorbeeld inhouden medicatie te stoppen, te starten of te wijzigen.
Voorstel verstrekkingsverzoek (VVV) Het voorstel verstrekkingsverzoek is een voorstel van de apotheker aan de voorschrijver om (een) medicatieverstrekking(en) te fiatteren ten behoeve van geldende medicatieafspr(a)ak(en). Het voorstel verstrekkingsverzoek vindt alleen plaats in de ambulante situatie. Het voorstel verstrekkingsverzoek is vergelijkbaar met de huidige situatie van het aanbieden van het autorisatieformulier of verzamelrecept of het ter ondertekening aanbieden van een herhaalrecept. Ook de patiënt kan een voorstel verstrekkingsverzoek indienen bij de voorschrijver.
Wisselend doseerschema (WDS) In een doseerschema staan de instructies voor toediening van de medicatie. Bij inventarisatie van medicatiegebruik beschrijft de dosering het gebruikspatroon dat de patiënt met zichzelf heeft afgesproken. Een wisselend doseerschema bevat instructies van toediening wanneer er sprake is van meerdere sequentiële gebruiksinstructies en wisselende doseerhoeveelheden binnen de dag, bij een variabele gebruiksfrequentie.
Zelfzorgmedicatie Zelfzorgmedicatie, ook wel over-the-counter medicatie genoemd, is medicatie die een patiënt zonder recept kan verkrijgen en waar geen medicatieafspraak en verstrekkingsverzoek voor nodig zijn. Zelfzorgmedicatie verstrekt door de apotheker kan wel door die apotheker worden vastgelegd als toedieningsafspraak met medicatieverstrekking of door een willekeurige zorgverlener of de patiënt zelf als gebruik.
Zorginformatiebouwsteen (ZIB) Zorginformatiebouwstenen worden gebruikt om inhoudelijke c.q. functionele – niet technische – afspraken vast te leggen voor het standaardiseren van de informatie die wordt gebruikt in het zorgproces.
Ga naar boven

Volg ons